|
Auteur: Dineke Verbeek,
Universitair Medisch Centrum Utrecht, afdeling Medische
Genetica.
Datum: juli 2002.
Op 1 januari 2000 ben ik, Dineke Verbeek, met mijn promotie onderzoek
gestart binnen de Afdeling Medische Genetica van het Universitair
Medisch Centrum in Utrecht. Dit onderzoek richt zich op het vinden van
nieuwe genen die betrokken zijn bij cerebellaire ataxieën en zal 4 jaar
duren.
- ADCA-onderzoek:
wat houdt dat in?
- Opzet van het onderzoek
- De stand van zaken
- Wie kunnen er meedoen?
- Wat vragen wij van u?
- Hoe kunt u meedoen?
- Contactpersoon
Ondanks het feit dat er al 9 SCA-genen (ziekte veroorzakende genen
voor ADCA) geïdentificeerd zijn,
is de huidige DNA-diagnostiek bij ADCA-patiënten beperkt tot de analyse
van 5 SCA-genen, nl. SCA1, 2,
3, 6
en 7. Afwijkingen in de overige 4
SCA-genen (SCA8, 10,
12 en 17)
zijn bekend. Uit DNA-onderzoek is gebleken dat deze in Nederland
waarschijnlijk niet voorkomen (Naschrift 04-11-2003: de SCA-8 mutatie
komt wel voor in Nederland. Het gen en de mutatie voor SCA-14 zijn
bekend sinds april 2003. Bron: D. Verbeek). Op dit moment wordt met DNA-onderzoek bij
circa tweederde van de patiënten een ziekteveroorzakende fout in het
DNA van de genen voor SCA1, SCA2, SCA3, SCA6 en SCA7 aangetoond. Met dit
nieuwe onderzoek willen we proberen om ook voor de resterende ADCA-patiënten
het ziekteveroorzakende gen op te sporen. Het directe resultaat hiervan
is dat voor een groter aantal patiënten de klinische diagnose bevestigd
kan worden door DNA diagnostiek. Vervolgens kan er meer gerichte erfelijkheidsadvisering
aan deze patiënten en hun familie aangeboden worden en zal soms ook presymptomatisch
DNA-onderzoek mogelijk zijn. Daarnaast hopen wij dat het lokaliseren
van nieuwe SCA-genen verder onderzoek, van met name de afwijking in het
gen, stimuleert. Wanneer er meer over de functie van de SCA-genen en het
proces waarin zij werken bekend wordt, kunnen we meer begrijpen van het
ziektebeeld. Hierdoor kan deze studie uiteindelijk bijdragen aan de
ontwikkeling van een betere zorg voor alle patiënten.
Recent onderzoek toont aan dat de ziekteveroorzakende fout in een
groot aantal Duitse SCA6 families een gemeenschappelijke oorsprong
heeft. Deze families hebben dus waarschijnlijk 1 gemeenschappelijke SCA6
voorvader. Dit is geconcludeerd uit 2 waarnemingen: 1. deze SCA6
families komen allemaal uit dezelfde geografische regio in
West-Duitsland, Nordrhein-Westfalen. 2. DNA onderzoek laat zien dat de
DNA markers in het chromosoomgebied rondom het afwijkende SCA6 gen bij
de patiënten uit deze families overeenkomen. Een vergelijkbare
waarneming is gedaan bij SCA2 families in Japan. Genealogisch onderzoek
in Nederlandse ADCA-families heeft laten zien dat ook hier met name SCA
3 en 6 families terug te voeren zijn tot één verre voorouder. Mogelijk
geldt dit ook voor de nog onbekende SCA-genen. Daarom proberen we in dit
onderzoek nieuwe SCA-genen te lokaliseren door in Nederlandse ADCA-families
te zoeken naar overeenkomstige chromosoomgebieden d.w.z.
chromosoomgebieden met dezelfde DNA-marker profielen. Om deze zoektocht
te vereenvoudigen worden de families onderverdeeld in verschillende
geografische clusters. ADCA-families uit dezelfde regio hebben een
grotere kans om ver weg familie van elkaar te zijn dan ADCA-families
afkomstig uit verschillende gebieden.
Voor dit onderzoek is DNA-materiaal van ADCA-patiënten en hun ouders
(waarvan één ook ADCA-patiënt is) nodig. Medewerking van
ouders-patiënt gezinnen is erg belangrijk om onderscheid te maken
tussen het "zieke" chromosoom en de "normale"
chromosomen. Pas dan is het mogelijk om het gemeenschappelijke
chromosoomgebied op te sporen en overeenkomsten tussen de
"zieke" chromosomen van patiënten uit verschillende families
te bestuderen. Nadat deze overeenkomsten gevonden zijn, kan er gericht
gezocht worden naar genen in deze gebieden en tenslotte naar de
oorzakelijke fout in het betreffende gen.
Sinds januari 2000 hebben er zich al 24 Nederlandse ADCA-families (in
totaal 130 personen) aangemeld voor deelname aan dit onderzoek. Bij deze
24 families zijn er 3 "grotere" ADCA-families met meer dan 10
patiënten. In deze 3 families wordt al druk gezocht naar de
chromosomale locatie (de precieze plaats in het erfelijke materiaal) van
het ziekteveroorzakende gen. Onderzoek heeft geleid tot een drietal
kandidaat-gebieden, waarbinnen het ziekteveroorzakende gen kan liggen.
Helaas zijn deze gebieden nog zo groot dat ze nog honderden potentiële
kandidaat genen bevatten. Momenteel is de zoektocht naar het
ziekteveroorzakende gen in deze kandidaat gebieden in volle gang. Eén
van de manieren om zo'n kandidaatgebied te verkleinen, is het vinden van
één of meer andere ADCA-families die hetzelfde kandidaat gebied delen,
maar dan hopelijk een kleiner stukje dan in de eerste familie het geval
is. Dit vergroot dan weer de kans om het ziekteveroorzakende gen te
vinden. Het is van groot belang om te weten uit welke gebieden in
Nederland ADCA-families afkomstig zijn en /of er misschien ver weg
verwantschap bestaat. Dit onderzoek wordt verricht door onze genealoog.
Met deze gegevens kunnen niet alleen grote maar ook kleine ADCA-families
meedoen aan het onderzoek. De kans op het vinden van een kandidaat
gebied wordt groter naarmate er meer families mee doen.
- Alle ADCA patiënten bij wie DNA onderzoek verricht is en nog geen
gendefect is aangetoond in de SCA1, 2, 3, 6 of 7 genen en waarvan
zeker is dat de ziekte ook aanwezig is/was bij 1 van de ouders.
- Bij voorkeur de beide ouder(s) van de ADCA patiënt.
Indien deze niet voor onderzoek beschikbaar zijn, liefst broers of
zussen van de ADCA-patiënt, met of zonder ADCA.
- Alle andere familieleden met ADCA die mee willen werken.
Indien u alsnog twijfelt of u wel of niet mee kunt doen, informeert u
gerust.
Het onderzoek wordt uitgevoerd met DNA materiaal. Voor de isolatie
van dit DNA zijn er twee buisjes bloed nodig. De bloedafname vind plaats
op een voor U goed bereikbare plaats, zoals een plaatselijke bloedafname
post of een dichtbij gelegen ziekenhuis. Daarnaast is, zoals eerder
aangegeven, ook genealogisch ofwel stamboomonderzoek van belang. Aan de
hand van een door u ingevuld familieformulier kan nagegaan worden uit
welke regio uw familie oorspronkelijk vandaan komt, en of er misschien
verwantschap bestaat tussen uw familie en andere bij ons bekende ADCA-families.
Hierbij geldt overigens dat deelname aan het genealogisch onderzoek
geheel vrijblijvend is. Tenslotte willen wij graag met uw schriftelijke
toestemming de betreffende medische informatie opvragen bij de arts of
specialist die bij u de diagnose ADCA gesteld heeft. Al uw gegevens
worden natuurlijk strikt vertrouwelijk behandeld en uitsluitend voor dit
onderzoek gebruikt.
Bij voorkeur meldt u zich telefonisch aan voor deelname. Indien er
nog vragen zijn kunnen die beantwoord worden en de praktische gang van
zaken zal toegelicht worden. Schriftelijke aanmelding is natuurlijk ook
mogelijk. Voor andere vragen over de erfelijkheid en het
herhalingsrisico bij ADCA kunt u contact opnemen met klinisch geneticus
Drs. Elly Ippel.
Van maandag tot vrijdag kunt u tussen 9.00-17.00 uur bellen met
Dineke Verbeek via 030-2503874. Natuurlijk kunt u ook mailen of
schrijven naar: Dineke Verbeek, Afdeling Medische Genetica,
Huispostnummer KC04.084.2, UMC Utrecht, Lundlaan 6, 3584 EA Utrecht.
E-mail adres: D.S.Verbeek@med.uu.nl. Voor de erfelijkheidsvoorlichting
kunt u bellen met Drs. Elly Ippel via 030-2503852 |