|
OMIM 604326 (www.ncbi.nlm.nih.gov/omim/).
Gen: Chr. 5q31-33.
Repeat: CAG.
Algemene beschrijving (dr. E.R.P. Brunt, neuroloog. Januari 2000)
Ongeveer tegelijk met de ontdekking van SCA11 is in het najaar van 1999 ook
SCA12 (MIM 604326) gepubliceerd. Het gaat om een grote familie aan de
Amerikaanse oostkust, die oorspronkelijk uit Duitsland afkomstig is. In
tegenstelling tot de overige SCA’s is ataxie in deze familie meestal niet het
eerste verschijnsel, maar in een later stadium is ataxie wel een belangrijk
kenmerk. Het gen ligt op chr. 5q31-33 en de mutatie bestaat weer uit een
onstabiele CAG repeat verlenging. Deze CAG repeat verlenging bevindt zich in het
zogenaamde promotor deel van het gen, dat is de DNA code die een rol
speelt bij het ingang zetten van het aflezen van het gen. De CAG repeat wordt
dus niet ‘vertaald’ in het genprodukt (eiwit) zelf en bij SCA12 is het eiwit
dat door het SCA12 gen wordt gemaakt niet afwijkend. Het SCA12 gen blijkt een
bekend gen te zijn dat codeert voor een eiwit dat een sturende rol speelt voor
een bepaald enzym in de hersenen. Dit enzym, PP2A (protein fosfatase 2A),
speelt weer een rol bij bepaalde processen van veroudering en afsterven van de
cel. De verlengde CAG repeat bij SCA12 zorgt voor een toegenomen expressie van
het gen, dus voor een teveel van het genproduct.
Bij gezonden is de lengte van de CAG repeat in het SCA12 gen 7-28 kopieën,
en bij de aangedane familieleden is deze repeat 66-78 kopieën. De verlenging
van de CAG repeat is (matig) onstabiel tijdens generatie overdracht.
De leeftijd waarop de verschijnselen beginnen ligt tussen 8 en 55 jaar. De
klinische bestaan aanvankelijk uit trillen in de handen en het hoofd (actie
tremor) en breiden zich later uit met ataxie bij lopen en staan, ataxie van
arm- en been bewegingen en ataxie van oogbewegingen. Verder komen soms verhoogde
reflexen, nystagmus en algehele bewegingsarmoede voor, en in enkele gevallen is
er sprake van spierverkramping (dystonie) en oogspierverlamming. Op oudere
leeftijd komt tenslotte soms ook dementie voor.
Het MRI onderzoek van de hersenen bij SCA12 toont schrompeling van met name
de schors van de kleine hersenen. Pathologisch anatomisch onderzoek bij mensen
met SCA12 is nog niet beschreven.
Onderzoek
De mutatie is aantoonbaar door middel van bloedonderzoek, waarbij wordt
gezocht naar de aanwezigheid van de afwijking van het erfelijk materiaal dat
leidt tot SCA-12.
(Dr. D. Verbeek, klinisch genetica, juli 2002:) Uit DNA-onderzoek is gebleken
dat SCA-12 in Nederland waarschijnlijk niet voorkomt.
|