Auteur: Nancy Hartgring,
logopediste.
Datum: 25 mei 1996.
Bron: ADCA-krant Nr. 9, juli 1996. |
Nancy Hartgring is logopediste bij het „Verpleeg- en
Reactiveringscentrum Birkhoven” te Amersfoort, en docente dysartrie
(spraakstoornissen) bij de opleiding logopedie aan de Hogeschool van
Utrecht. Op de contactdag van 25 mei 1996 sprak zij over logopedie.
1. Inleiding
Toen ik uw vereniging had toegezegd dat ik op de jaarvergadering wel
iets wilde vertellen over wat de logopedist kan betekenen voor mensen met
ADCA, kreeg ik een informatiepakketje teogestuurd met hierin een exemplaar
van de folder en een nummer van de ADCA-krant. Bij het lezen van dit
materiaal viel mij een aantal punten op die ik met u wil doornemen.
- Onder 'verschijnselen' wordt onder andere genoemd: moeite met
praten, verslikken
- Onder 'behandelingsmogelijkheden' las ik: Vooralsnog is een
erfelijke cerebellaire ataxie niet te genezen. Soms kunnen
fysiotherapie en logopedie de gevolgen van de ataxie verlichten, zodat
de patient beter kan fuctioneren.
- Onder 'omgaan met de ziekte' vond ik: Door de bewegings- en
spraakproblemen wordt de patient dikwijls verkeerd beoordeeld.
2. Hoe verloopt het spreken / eten-drinken.
Om te kunnen begrijpen hoe het komt dat mensen met ADCA problemen
krijgen met spreken en met eten en drinken, en te weten wat zij zelf
hieraan kunnen doen, lijkt het mij nuttig eens te kijken wat er in ons
lichaam precies gebeurt bij het spreken en eten/drinken.
2.1 Spreken
Spreken is iets dat de meeste mensen automatisch doen. Ook u zult dit,
voordat u te maken kreeg met uw ziekte, gedaan hebben zonder er bij na te
denken. Toch is spreken wel degelijk een zeer ingewikkeld proces, waarbij
het aankomt om zeer nauwkeurige coördinatie en timing van verschillende
spieren. Om goed te kunnen spreken is het van groot belang dat er een zeer
nauwe samenwerking bestaat tussen: adem, stem, lippen, tong, kaak, wangen,
gehemelte.
U hebt voldoende adem nodig om uw stembanden te laten trillen (maar ook
goede adembeheersing) om een hele zin achter elkaar uit te kunnen
spreken). Daarna moeten de lippen, tong, wangen, kaak, en gehemelte (de
articulatoren genoemd) er voor zorgen dat het geluid in de mondholte tot
verschillende klanken wordt omgezet.
2.2 Eten/drinken
Ook eten/drinken is een zeer ingewikkeld proces. Hiervoor gebruik je
bijna dezelfde spieren als bij het spreken, dus is het ook niet zo
verwonderlijk dat ook dit vroeger of later problemen gaat opleveren.
Eten bestaat uit afhappen - kauwen - slikken:
- Afhappen:
lepel goed naar de mond brengen, lippen om de lepel sluiten en
afhappen;
- Kauwen:
tong moet eten tussen kiezen brengen, steeds opnieuw verzamelen,
verspreiden en voelen of het fijn genoeg is;
- Slikken:
tong moet eten naar achter brengen om te slikken, als het ver achter
in de keel is gaat het slikken verder automatisch .
3. Hoe ontstaan hierbij problemen als gevolg van ADCA?
3.1 Spreken
Zoals ik al vertelde is spreken een ingewikkeld proces waarbij
coördinatie en timing een zeer belangrijke rol spelen. De lippen, tong,
wangen, kaak en gehemelte moeten zeer snel achter elkaar zeer ingewikkelde
bewegingen uitvoeren waarbij een kleine vergissing in coördinatie grote
gevolgen kan hebben. Door uw ziekte kunnen deze verschillende organen de
juiste beweging niet meer zo precies, of niet meer zo snel, of niet meer
zo krachtig uitvoeren, waardoor de volgende problemen ontstaan.
3.2 Eten / drinken
Zoals ik hiervoor vertelde bestaat ook eten en drinken uit een
ingewikkeld proces. De problemen op dit gebied ontstaan door
coördinatie-stoornissen. De verschillende functies van lippen, tong
wangen, kaak, gehemelte en keelholte zijn niet goed op elkaar afgestemd
waardoor de volgende problemen kunnen ontstaan:
Problemen bij het eten
- moeite met eten naar de mond brengen
- moeite met afhappen
- moeite met eten tussen de kiezen te brengen
- moeite met eten verzamelen om te slikken
- moeite met eten naar achter brengen
- verslikken
Problemen bij het drinken
- moeite met beker naar mond te brengen
- moeite met sluiten van de lippen om een beker
- moeite met vloeistof in de mond te houden
- moeite met vloeistof naar achter te brengen
- vloeistof loopt te snel naar achter
- verslikken
4. Wat probeert de logopedist hieraan aan te doen?
De logopedist onderzoekt wat er in uw specifieke geval mis gaat. Is de
ademing het probleem, of de articulatie; en wat dan precies bij de
articulatie.
De therapie zal in ieder geval gericht zijn op het behouden of
verbeteren van de spraakverstaanbaarheid.
Zij en de patiënt/u moeten werken met het gegeven dat de spraak steeds
achteruit gaat. Binnen de therapie zal geprobeerd worden dit proces tot
stilstand te brengen of te vertragen. De inzet van de patiënt is hierbij
echter van zeer groot belang. Heel belangrijk is ook dat u uw
gesprekspartner direct meldt dat u vanwege uw ziekte moeite hebt met
spreken. Dit voorkomt dat men u verkeerd beoordeeld. Vraag ook of zij u
direct zeggen als zij u niet verstaan. U kunt dan op tijd bijsturen.
De therapie zal waarschijnlijk bestaan uit een combinatie van de
volgende onderdelen:
4.1 Spreken
(Basisprincipes logopedische therapie (Darley, '75)
- Vroeg begin
Hoe sneller men bij spraakproblemen met therapie start, hoe beter.
U bent er dan vroeg genoeg bij om eventuele verkeerde gewoontevorming
tegen te gaan. Iets afleren is vaak moeilijker dan iets aanleren. Ook
kan de logopedische therapie het aftakelingsproces van de
spraakspieren vertragen of stabiliseren.
- Compensatie
Door middel van logopedische therapie leert de patiënt om te gaan
met de mogelijkheden
- Bewustwording
Voordat de patient met de ziekte te maken kreeg sprak hij/zij
waarschijnlijk automatisch; zonder moeite voerde hij die ingewikkelde
spraakbewegingen uit. Dit moet hij nu bewust leren doen.
- Terugkoppeling
De patient moet leren luisteren naar zichzelf om te kunnen bepalen
om zijn/haar eigen verstaanbaarheid te beoordelen.
4.2 Logopedische therapie
1 Ontspanning
De ontspanningsoefeningen zijn bedoeld om de overbodige, foutieve
spanningen van de spieren die belangrijk zijn voor de ademhaling,
stemgeving en articulatie op te heffen. Overbodige spanning van spieren
kost energie en dat is nu juist iets waar u heel zuinig mee om moet
springen
2 Ademing
Ook ademhalen is iets waar je niet bij nadenkt. Toch kan ook met de
ademing veel misgaan waardoor het spreken nog moeilijker gaat dan nodig
is. Met name voor degene onder u waarbij het spreken veel energie kost is
een goede lage buikademing van groot belang. Buikademing is minder
vermoeiend en levert meer op. Een hoge ademing levert namelijk spanning op
in het hals/schouder gebied waardoor het spreken moeilijker verloopt. Ook
levert het u minder lucht op waardoor u sneller bij moet tanken en eerder
buiten adem bent.
3 Articulatie
De twee hierboven beschreven onderdelen van de logopedische therapie
zijn niet voor alle ADCA patienten (direct) nodig. Sommige van u zullen
ook de hiervoor beschreven problemen dan ook niet direct herkennen.
Problemen met de articulatie komt echter bij alle ADCA-patiënten in een
vroeger of later stadium voor. Articulatie-oefeningen zijn dan ook bijna
bij alle ADCA-patiënten op een gegeven moment gewenst. De logopedische
behandeling hiervoor bestaat uit twee onderdelen:
Logopedische behandeling:
- training articulatiespieren
- articulatietraining
- spreektempo
- maximale verzorging van de articulatie
|